Musik und Bildende Kunst
At the same time, Rome pulses with Marian devotion. Antiphons such as Salve Regina and Ave Regina caelorum echo through its churches, offering comfort, hope, and protection. In this programme, Christina and Mary appear as parallel figures: one the queen of heaven, the other a patron-queen who finds her spiritual home in Rome.
The music of Carissimi, Melani, Stradella, Pasquini and Scarlatti unfolds within this world of splendour and searching. Sacred drama, daring harmonies, lyrical intimacy, and radiant counterpoint trace a journey from contemplation to exaltation—revealing how, in Baroque Rome, faith and art intertwined to stir both spirit and imagination.
Programma
- Part 1 — Sacred
Melani — Quae est ista
- SSATB bc
- Concerti Spirituali, op. 3 (1682).
Quae est ista
Wie is zij,
novi luminis aurora consurgens,
die dageraad van nieuw licht,
quae progreditur aeternis
die opkomt en voortschrijdt,
irradiata fulgoribus,
bestraald door eeuwige glansen,
quae tanta laetitia,
zo vol vreugde,
qui tantus nitor,
zo vol luister,
quae nam ista est?
wie is zij?
Coeli de super rorate
Hemelen, daalt dauw neer van boven,
prata floribus ridete
weiden, lacht in bloemen,
novae lucis et beatae gaudete,
verheugt u om het nieuwe, zalige licht,
novi luminis gaudete.
verheugt u om de nieuwe glans.
Haec est Maria
Dit is Maria,
quae pulchra, quae pia
schoon en vroom,
diffundit in ortu
zij verspreidt bij haar opgang
coelestes nitores,
hemelse stralen.
date rosas, date flores,
Brengt rozen, brengt bloemen,
tantae Virgini favete.
eert deze grote Maagd!
Coeli de super rorate
Hemelen, daalt dauw neer van boven,
prata floribus ridete.
weiden, lacht in bloemen.
Quae nox dispergitur
De nacht wijkt uiteen
oritur, quae dies.
De dag breekt aan.
Augustis facibus
Bewoners der aarde,
telluris incole
heft uw plechtige fakkels,
aeterno lumini,
hemelse koren,
coelorum ordines,
het eeuwige licht,
plaudite
prijs het!
exultat in cantu
Laat hij jubelen in zang,
cui grata lux est
wie het licht liefheeft,
et fremat in planctu
en laat hij weeklagen,
cui pulchra nox est.
wie de schone nacht beminde.
Iam dulcis in via,
Nu treedt zij reeds aan,
formosa et decora,
zoet, schoon en sierlijk;
exultat aurora,
de dageraad juicht
incedit Maria.
Maria schrijdt voort.
Translation: Tempera Mente
Carissimi — O dulcissimum Mariae nomen
- TB bc
- A. Poggioli, Delectus sacrarum cantionum 2–5vv (1652).
O dulcissimum Mariae nomen,
O zoetste naam van Maria,
nomen vere sanctissimum,
naam die waarlijk allerheiligst is,
O nomen gratiae,
O naam vol genade,
semper cogitandum;
altijd te overdenken;
O solatium animarum,
O troost der zielen,
nomen venerandum;
naam die vereerd moet worden;
O nomen caelicum,
O hemelse naam,
et vere angelicum,
en waarlijk engelachtig,
resonent ergo in ore omnium.
moge hij weerklinken op de lippen van allen.
O Maria, mater pia,
O Maria, liefdevolle moeder,
nos defende in hac via;
verdedig ons op deze weg;
nos tuere, nos guberna,
behoed ons, bestuur ons,
duc nos tecum ad superna
leid ons met u naar de hemelse hoogten.
Translation: Tempera Mente
Pohle — Miserere mei Deus
- CCATB bc
- Kassel, Universitätsbibliothek Kassel, Ms.mus 52e.
Miserere mei, Deus: secundum magnam misericordiam tuam
Wees mij genadig, o God! naar Uw goedertierenheid;
Et secundum multitudinem miserationum tuarum, dele iniquitatem meam
delg mijn overtreding uit, naar de grootheid Uwer barmhartigheden.
Amplius lava me ab iniquitate mea:
Was mij wel van mijn ongerechtigheid,
et a peccato meo munda me
en reinig mij van mijn zonde.
Quoniam iniquitatem meam ego cognosco
Want ik ken mijn overtredingen,
Et peccatum meum contra me est semper
en mijn zonde is steeds voor mij.
Tibi soli peccavi, et malum coram te feci
Tegen U, U alleen, heb ik gezondigd, en gedaan dat kwaad is in Uw ogen;
Ut justificeris in sermonibus tuis, et vincas cum judicaris
opdat Gij rechtvaardig zijt in Uw spreken, en rein zijt in Uw richten.
Ecce enim in iniquitatibus conceptus sum
Zie, ik ben in ongerechtigheid geboren,
Et in peccatis concepit me mater mea
en in zonde heeft mij mijn moeder ontvangen.
Ecce enim veritatem dilexisti:
Zie, Gij hebt lust tot waarheid in het binnenste,
incerta et occulta sapientiae tuae manifestasti mihi
en in het verborgene maakt Gij mij wijsheid bekend.
Expiabis me Hyssopo et mundabor
Ontzondig mij met hysop, en ik zal rein zijn;
lavabis me et super nivem dealbabor
was mij, en ik zal witter zijn dan sneeuw.
Auditui meo dabis gaudium et laetitium
Doe mij vreugde en blijdschap horen;
et exultabunt ossa quae contrivisti.
dat de beenderen zich verheugen, die Gij verbrijzeld hebt.
Text: Psalm 50•Translation: Statenvertaling, 1637
Hammerschmidt — Wie der Hirsch schreyet
- CCB bc
- HaWV 63·Musikalische Andachten I (1639).
Wie der Hirsch schreit nach frischem Wasser,
Gelijk een hert schreeuwt naar de waterstromen,
So schreit meine Seele, Gott, zu dir.
alzo schreeuwt mijn ziel tot U, o God!
Meine Seele dürstet nach Gott, nach dem lebendigen Gott.
Mijn ziel dorst naar God, naar de levende God;
Wann werde ich dahin kommen, daß ich Gottes Angesicht schaue?
wanneer zal ik ingaan, en voor Gods aangezicht verschijnen?
Text: Psalm 42•Translation: Statenvertaling
Carissimi — Salve amor noster
- SA bc
- Scelta de’ motetti da cantarsi […] Parte Prima (1665).
Salve amor noster,
Wees gegroet, onze liefde,
Salve nostra spes et vita,
wees gegroet, onze hoop en ons leven,
Salve, o Maria.
wees gegroet, o Maria.
Vulnerasti me sagitta amoris tui,
Gij hebt mij verwond met de pijl van uw liefde,
inflammasti me incendio charitatis tuae
gij hebt mij ontvlamd met het vuur van uw barmhartigheid.
amor meus, ardor meus,
Mijn liefde, mijn gloed,
o Maria.
o Maria.
Ecce cor meum in desiderio,
Zie, mijn hart in verlangen,
in desiderio decoris tui,
in het verlangen naar uw schoonheid –
o pulcherima mulierum
o schoonste van de vrouwen –
solum ardet, solum languet.
het brandt slechts, het versmacht slechts.
Fulcite me floribus,
Sterk mij met bloemen,
stipate me malis
omring mij met appelen,
quia cor meum, amore Virginis,
want mijn hart, uit liefde voor de Maagd,
totum ardet, solum languet
brandt geheel en versmacht alleen.
quam pulchri sunt gressus tui
Hoe schoon zijn uw schreden,
quam in calceamentis filia principis.
als van een prinsendochter in haar sandalen.
Trahe nos post te,
Trek ons achter u aan,
curremus in odorem unguentorum tuorum
laat ons snellen naar de geur van uw zalven.
quam decora es, Regina caeli
Hoe schoon zijt gij, Koningin van de hemel,
in vestito deaurato,
bekleed met goud,
circumdata varietate.
omgeven door luister.
Voca nos, suscipe nos
Roep ons, ontvang ons,
et serviemus tibi Regina coeli
en wij zullen u dienen, o Koningin van de hemel
et mundi Domina
en Vrouwe der wereld.
Virgo potens, Virgo dulcis,
Machtige Maagd, tedere Maagd,
o Maria.
o Maria.
Te circumdent flores rosarum
Mogen bloemen van rozen u omringen,
te coronet serta stellarum
mogen kransen van sterren u kronen,
Virgo pulchra terrae,
schone Maagd van de aarde,
Virgo fulgens caeli lux
stralende Maagd, licht van de hemel.
florete flores Virginis
Bloeit, o bloemen van de Maagd,
fulgete serta siderum
straalt, o sterrenkransen!
Virgo noster odor est
Maagd, gij zijt onze geur,
Virgo nostrum iubar es
Maagd, gij zijt ons licht.
agite, dulcite, dicite laudes.
Komt, zoet, en spreekt lof.
Laudes dicamus Virgini
Laat ons lof zingen voor de Maagd,
dicamus illi canticum
laat ons haar een lied toezingen,
que noster amor est
want zij is onze liefde,
et consolatio nostra
en onze troost,
et delectatio nostra,
en ons genot,
spes nostra,
onze hoop,
amor noster.
onze liefde.
Translation: Tempera Mente
Hammerschmidt — Herr, wie lange willst du mein so gar vergessen
- CCATB bc
- HaWV 140·Musikalische Andachten II (1641).
Herr, wie lange willst du mein so gar vergessen?
Heere, hoe lang zult Gij mijner vergeten, in eeuwigheid?
Wie lange verbirgst du dein Antlitz vor mir?
Hoe lang zult Gij Uw aangezicht voor mij verbergen?
Schau doch und erhöre mich, Herr, mein Gott!
Aanschouw, verhoor mij, Heere, mijn God!
Wie lange soll ich sorgen in meiner Seele
Hoe lang zal ik raadslagen overleggen in mijn ziel,
und mich ängsten in meinem Herzen täglich?
met droefenis in mijn hart dagelijks?
Wie lange soll sich mein Feind über mich erheben?
Hoe lang zal mijn vijand zich over mij verheffen?
Schau doch und erhöre mich, Herr, mein Gott!
Aanschouw, verhoor mij, Heere, mijn God!
Erleuchte meine Augen, daß ich nicht im Tode entschlafe,
Verlicht mijn ogen, opdat ik in de dood niet ontslape;
daß sich mein Feind sich rühme, er sein mein mächtig worden,
opdat mijn vijand niet zegge: ik heb hem overmocht;
und meine Widersacher sich nicht freuen, daß ich niederliege.
en mijn tegenpartijders zich niet verblijden, wanneer ik zou wankelen.
Schau doch und erhöre mich, Herr, mein Gott!
Aanschouw, verhoor mij, Heere, mijn God!
Text: Psalm 13•Translation: King James Version
- Part 2 — Secular
D’India — Dispietata pietate
- ca 2:30
- CCATB bc
- Il Terzo Libro de Madrigali a 5 (1615), no. 1.
Dispietata pietate
Meedogenloos medelijden
fu la tua veramente, o Dafne, allora
was het jouwe waarlijk, o Dafne, toen
che ritenesti il dardo:
je de pijl inhield:
però che’l mio morire
want mijn sterven
più amaro sarà quanto più tardo.
zal des te bitterder zijn naarmate het later komt.
Ed or perché m’avvolgi
En waarom leid je mij nu rond
per sì diverse strade e per sì vari
langs zulke uiteenlopende wegen en zulke wisselende
ragionamenti invano? Di che temi?
overwegingen, tevergeefs? Waar ben je bang voor?
Temi ch’io non m’uccida?
Ben je bang dat ik mezelf zal doden?
Temi del mio bene.
Je vreest voor mijn eigen bestwil.
Deh, lasciami morire in tante pene.
Ach, laat mij sterven te midden van zoveel pijn.
Text: Torquato Tasso (1544-1595), Aminta•Translation: Tempera Mente
D’India — Langue al vostro languir l’anima mia
- ca 4:00
- TB bc
- Le Musiche a due voci (Venice, 1615), no. 2.
Langue al vostro languir l’anima mia,
Mijn ziel kwijnt weg bij uw kwijnen,
e dico: “Ah, forse a sì cocente pena
en ik zeg: “Ach, misschien tot zo’n brandende pijn
sua ferità la mena.”
drijft haar wreedheid ze.”
O anima d’Amor troppo rubella,
O ziel, te zeer opstandig tegen Amor,
Quanto meglio vi fora
hoeveel beter zou het voor u zijn
provar quel caro ardor che vi fa bella
die lieve gloed te voelen die u mooi maakt
che quel che vi scolora?
dan die welke u doet verbleken?
Perché non piace alla mia sorte ch’io
Waarom behaagt het mijn lot niet dat ik
arda del vostro foco e voi del mio
brand van uw vuur, en u van het mijne?
Text: Giovanni Battista Guarini (1538–1612)•Translation: Tempera Mente
Monteverdi — Cor mio mentre vi miro
- ca 2:10
- CCATB
- SV 77·Il quarto libro de Madrigali a cinque voci (Venice, 1603), no. 2.
Cor mio mentre vi miro
Mijn hart, als ik jou aanschouw,
visibilmente mi trasforma in voi
verandert mijzelf zichtbaar in jou;
e trasformato poi
en ik, zo veranderd, blaas
in un solo sospiro l’anima spiro.
mijn ziel in één enkele zucht uit.
O bellezza mortale
O sterfelijke schoonheid,
o bellezza vitale
o schoonheid vol leven,
poi che sì tosto un core
want een hart wordt zo snel
per te rinasce e per te nato more.
voor jou herboren en, eenmaal geboren, sterft voor jou.
Text: Battista Guarini (1538–1612)•Translation: BC/Tempera Mente
Mazzocchi — Pian piano
- ca 5:00
- CCATB bc
- Madrigali a cinque voci, e d’altri varii Concerti (Rome, 1638), no. 8.
Pian piano, aure tranquille
Zachtjes, zachtjes, rustige briesjes,
non destate costei.
maak haar niet wakker.
Dormono i dolor miei;
Mijn smarten slapen;
deh, fermatevi! o venti:
ach, houd op, o winden:
dormono i miei tormenti.
mijn kwellingen slapen.
Ma destatela pur, che mai non posa
Maar maak haar toch maar wakker, want zij rust nooit,
beltà crudel che m’è nel petto ascosa.
de wrede schoonheid die in mijn borst verborgen ligt.
Text: Alessandro Adimari (1579–1659)•Translation: Tempera Mente
Strozzi — Le tre grazie a venere
- ca 3:20
- CCC bc
- Op. 1/11·Il Primo Libro di Madrigali, op. 1 (Venice, 1644).
Bella madre d’Amore
Schone moeder van de Liefde,
anco non ti ramembra
herinner jij je dan nog steeds niet
che nuda avesti di bellezze il grido,
dat jij naakt al de roem van schoonheid had,
In sul Troiano lido
op het Trojaanse strand,
dal giudice Pastore?
naar het oordeel van de herder?
Onde se nuda piaci
Dus als jij zelfs naakt
In sin à gl’occhi de bifolchi idei
de ogen van de Idese herders pleziert,
vanarella che sei,
ijdel ding dat je bent,
perché vuoi tu con tanti adobbi e tanti
waarom wil jij, met zoveel, zoveel versieringen,
ricoprirti a gl’amanti?
jezelf weer bedekken voor je minnaars?
O vesti le tue Grazie e i nudi Amori
O kleed jouw Gratiën en de naakte Liefdesgoden,
o getta ancor tu fuori
of werp zelf anders ook
gl’arnesi I manti e i veli:
het harnas, de mantels en de sluiers af:
di quelle care membra
laat van die dierbare ledematen
nulla si celi.
niets verborgen zijn.
Tu ridi e non rispondi
Jij lacht en antwoordt niet,
Ah tu le copri si tu le nascondi
ach, jij bedekt ze, ja, jij verbergt ze,
Che sai ch’invoglia più che più s’apprezza
want je weet: hoe meer het wordt gewaardeerd, hoe meer het verleidt,
la negata bellezza.
schoonheid die ontzegd wordt
Text: Giulio Strozzi (1583 - 1660)•Translation: BC/Tempera Mente
Monteverdi — Luci serene e chiare
- ca 3:50
- CCATB
- SV 81·Il quarto libro de Madrigali a cinque voci (Venice, 1603), no. 7.
Luci serene e chiare,
Serene en heldere ogen,
voi m’incendete, voi, ma provi il core
jullie zetten me in vuur en vlam, maar het hart voelt
nell’incendio diletto, non dolore.
in het vuur genot, geen pijn.
Dolci parole e care,
Lieve en dierbare woorden,
voi mi ferite, voi, ma prova il petto
jullie verwonden mij, maar de borst voelt
non dolor nella piaga, ma diletto.
in de wond geen pijn, maar genot.
O miracol d’amore!
O wonder van de Liefde!
Alma ch’è tutta foco e tutta sangue
Een ziel die door en door vuur en bloed is,
si strugge e non si duol, more e non langue.
smelt maar rouwt niet, sterft maar kwijnt niet weg.
Text: Ridolfo Arlotti•Translation: BC/Tempera Mente
Mazzocchi — Uscite a mille a mille
- ca 2:40
- CCATB
- Madrigali a cinque voci, e d’altri varii Concerti (Rome, 1638), no. 1.
Uscite a mille, a mille dal mio petto, o sospiri
Verlaat, met duizenden, met duizenden, mijn borst, o zuchten,
Ch’entro a musici giri raccor vi deve
vlecht je samen tot muzikale klanken
e poi spiegarvi al vento
en vertrouw je toe aan de wind,
L’adorata cagion del mio tormento
de aanbeden oorzaak van mijn kwelling.
E così risonar faravvi Amore
En zo zal Amor je doen weerklinken,
Ne le sue labra almen, se non nel core.
op zijn minst op haar lippen, zo niet in haar hart.
Text: Pier Francesco Paoli (1585–c. 1638)•Translation: BC/Tempera Mente
Musici
- Janneke Stoute soprano
- Iris Bouman mezzo
- Anna Bachleitner alto
- Carlos Negrín tenor
- Bas Cornelissen bass
- Riccardo Casamichiela harpsichord
Componisten
- Alessandro Melani 1639–1703
- Giacomo Carissimi 1605–1674
- David Pohle 1624–1695
- Andreas Hammerschmidt 1611/12–1675
- Sigismondo D’India c.1582–1629
- Claudio Monteverdi 1567–1643
- Domenico Mazzocchi 1592–1665
- Barbara Strozzi 1619–1677